Ons standpunt is dat het absoluut niet zinvol is om met ‘oude’ EFO’s te oefenen of daar expliciet op te trainen. Het doel van de EFO is: voorspellen waar op het voortgezet onderwijs (VO) een leerling het best op zijn plaats is. Met andere woorden: de EFO is niet een toets waar (voor elk individu) hoger scoren beter is dan lager scoren, maar waar op je eigen niveau scoren het beste is. Dan krijg je de meest bruikbare informatie voor een juiste keuze voor het VO.

‘Teaching to the test’, toevoegen van druk aan de toetsuitslag, nadruk op ranglijsten leggen of zelfs voorzeggen is dus zeker NIET de bedoeling. Het is dus in het belang van alle partijen (vooral van de leerling zelf) om de toets een zo goed mogelijke representatie te laten zijn van de vaardigheid van de leerling op dat moment in groep 8. Die vaardigheid heeft de leerling dus ontwikkeld gedurende de hele doorlooptijd in het Funderend Onderwijs (FO). Te veel oefenen met een specifieke toets (bijv. een oude EFO) kan ertoe leiden dat de toets meer een representatie wordt van het oefenverleden en van een eventueel gevolgde aparte training, dan van die vaardigheid in groep 8.

Natuurlijk is het wel zinvol om leerlingen in te leiden in de vorm van de opgaven en toets (met een training of uitleg in de klas op die vorm). Ook is het inleiden belangrijk om de vaardigheden zoveel mogelijk onder de knie te krijgen van zonder gebruik van een oefentoets of training.

De EFO is namelijk een hulpmiddel dat aangereikt wordt aan de scholen en de leerlingen vanuit de overtuiging dat goed zicht krijgen op de ontwikkelingen van uw leerlingen belangrijk is om de leerlingen goed voor te bereiden op hun vervolgonderwijs. Daarmee vergroten we de kansen van alle leerlingen in het FO op een succesvolle ontwikkeling.

Vanuit die optiek is het dus zinloos om de leerlingen te gaan ‘trainen voor de toets’. Met alleen maar oefenen van toetsopgaven bereiken we alleen maar dat onze leerlingen ‘trucjes’ en opgaven van buiten gaan leren om zo hoog mogelijk te kunnen scoren op de VT en de EFO. We bereiken daarmee niet wat we eigenlijk willen bereiken: kennis, inzicht, begrip en vaardigheden verwerven (op een wijze) zoals die in de kerndoelen staan omschreven.